Basis

Pagina quicklinks
houding – shisei
beweging -ido
verplaatsing (staand) – shintai
kreeftgang – ebi
lichaamswending – tai sabaki
(gevechts)houding – kamae
valbreken – ukemi


 

 Raakvlakken

Raakvlakken

Binnen de budo sporten worden er 3 raakvlakken onderscheiden. Bovenstaande afbeelding geeft het raakvlak met de daarbij behorende Japanse naam aan.

Hoofd/Nek:              jodan
Borst/Buik:              chudan
Vanaf de heupen:   gedan

Shisei – Houding

shisei – houding

De ruggengraat moet recht en “verlengd” zijn. Door met je hoofd tegen de “hemel” te drukken, wordt je ruggengraat automatisch op de juiste manier verlengd. Het is hierbij wel belangrijk dat de borst niet naar voren geduwd wordt (zoals militairen dit doen). De schouders moeten ontspannen naar beneden hangen en het hele lichaam ontspannen (niet gespannen). Je gewicht komt meer op de bal van je voeten in plaats van je hielen.

Het gezicht is kalm, recht vooruit. De ogen een klein beetje gesloten zonder de ogen te bewegen. De wenkbrauwen een beetje naar elkaar toe, de neus recht en de kin niet vooren achteruit gestoken. De ruggengraat vol energie. Onder de hangende schouders moet het lichaam geheel ontspannen zijn, billen bij elkaar. De benen, vanaf de knieen tot de enkels staan stevig op de grond, de heupen niet gedraaid, de buik stevig gevormd.


Ido – Beweging

ido – beweging

Bewegingsrichtingen

Hieronder zijn de 8 bewegingsrichten met de bijbehorende (Japanse) namen aangegeven.

Bewegingsrichtingen


Shintai – Verplaatsing (staand)


Ebi – Kreeftgang


Tai Sabaki – Lichaamswending


Kamae – (Gevechts)houding

kiba dachi – zijwaartse stand / ruiterstand

Kiba DachiKiba Dachi

 

 Belangrijk

Goed (diep) doorzakken, tenen recht naar voren wijzend.

zenkutsu dachi – voorwaartse stand

Achterste been is gestrekt en lang, tenen licht naar buiten wijzend. Voorste been is gebogen, knie is boven de tenen, die recht naar voren wijzen. 70% van het gewicht rust op het voorste been, 30% op het achterste been.

Zenkutsu Dachi Zenkutsu Dachi


Ukemi – Valbreken

ukemi – valbreken

Belangrijk bij het valbreken

  • Altijd afslaan (behalve bij mae ukemi – massief vallen)
  • Afslaan doe je met licht gespreide vingers en door je hand terug te laten veren van de mat
  • Hoofd de mat niet laten raken
  • Benen (licht) gebogen
mae ukemi – massief valbreken

mae ukemi – massief valbreken

Mae Ukemi

Belangrijk

Bij de mae ukemi is dat je valt met de handen en onderarmen op één lijn, ze raken gelijktijdig de mat. De knieën raken ook de mat niet.

yoko ukemi – zijwaarts valbreken

yoko ukemi – zijwaarts valbreken

Yoko Ukemi

ushiro ukemi – achterwaarts valbreken

ushiro ukemi – achterwaarts valbreken

Ushiro Ukemi

Belangrijk

  • Kin op de borst houden

Je kunt bij de ushiro ukemi afslaan en op de rug blijven liggen, of je kunt doorrollen en gelijk in parate houding komen. De ushiro ukemi kan/moet ook over een bok (verhoging) geoefend worden.

mae mawari ukemi – voorwaarts valbreken

mae mawari ukemi – voorwaarts valbreken

Mae Wawari Ukemi

Belangrijk

  • Rol als een bal, niet als een blok
  • Zorg dat de knieën de mat niet raken

Het is mogelijk om tijdens de rol een wapen (bijvoorbeeld een mes of stok) te pakken of terug te leggen. De mae mawari ukemi kan/moet ook over een bok (verhoging) geoefend worden. Let hierbij op dat je vlak voor de bok “springt”.

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *